Een vraag ?

BA-verzekering voor bestuurders van vzw’s

Bescherming bij geschillen!
  • Voor alle bestuurders en personen die belast zijn met het beheer van een vereniging;
  • Bescherming vanaf het ogenblik dat hun burgerlijke aansprakelijkheid betrokken zou zijn na een fout;
  • Tussenkomst voor de kosten voor burgerrechtelijke en strafrechtelijke verdediging.

Risico’s en verzekering

Burgerlijke aansprakelijkheid van Bestuurders van vzw’s risico's en verzekering

Een vereniging die is opgericht in de vorm van een vzw heeft rechtspersoonlijkheid. Zij heeft dus haar eigen rechten en plichten, ongeacht de natuurlijke personen die er deel van uitmaken.

Dit betekent geenszins dat de personen die bevoegd zijn om de vzw te besturen, d.w.z. de bestuurders in rechte en in feite, geen enkele persoonlijke aansprakelijkheid hebben.

De bestuurders kunnen immers burgerlijk aansprakelijk (BA) worden gesteld zowel ten aanzien van derden als ten aanzien van de vzw zelf, bijvoorbeeld als gevolg van een beheerfout, een schending van de wet of de statuten, een gemeenrechtelijke fout, enz.

Beheerfout

De aansprakelijkheid van de bestuurder ten aanzien van de vzw (= beheerfout)

Elk lid van een bestuursorgaan of dagelijks bestuurder is tegenover de rechtspersoon (vzw) gehouden tot een behoorlijke vervulling van de hem opgedragen taak. (Art. 2:51 van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen).

 

Enkele voorbeelden van fouten:

  • verbintenissen aangaan in de wetenschap dat de vzw deze niet kan nakomen;
  •  geen brandverzekering afsluiten;
  • een verlieslatende activiteit voortzetten;
  • een contract aangaan met een niet-erkende ondernemer;
  •  …

Aquiliaanse fout, schending van de statuten of het WVV

De aansprakelijkheid van de bestuurder ten aanzien van de vzw en derden (= aquiliaanse fout, schending van de statuten of het WVV)

 

In het kader van de uitvoering van zijn mandaat kan een bestuurder ook nadelige fouten maken waardoor zijn aansprakelijkheid zowel tegenover de vzw als tegenover derden kan worden ingeroepen.

 

Enkele voorbeelden van fouten:

  • Onrechtmatig ontslag;
  • Het niet tijdig aanvragen van een subsidie. Niet alleen de vereniging lijdt schade, maar ook een van haar schuldeisers, die moet vaststellen dat zijn rekening niet kan worden betaald omwille van dit onvoorzichtige beheer. Deze schuldeiser kan een beroep doen op de buitencontractuele aansprakelijkheid van de bestuurder;
  • Niet-naleving van de bepalingen inzake auteursrechten;
  •  …

Nieuwe reglementering

Nieuwe reglementering

  • In de afgelopen jaren hebben diverse wetswijzigingen belangrijke gevolgen gehad voor de vzw’s en hun bestuurders. Wij vermelden onder meer:
  • Het Wetboek van Economisch Recht (WER)

    Volgens het WER worden vzw’s als ondernemingen beschouwd. Zij zijn onderworpen aan de procedureregels van het faillissement en de gerechtelijke reorganisatie, die in sommige gevallen een bron van aansprakelijkheid voor bestuurders kunnen zijn (art. XX.225 WER).

     

    Onder de bepalingen van het WER met betrekking tot de aansprakelijkheid van bestuurders vermelden we ook Wrongful trading (art. XX.227 WER), d.w.z. de bestuurders kunnen (individueel of hoofdelijk) door de curator aansprakelijk worden gesteld voor het uitoefenen van een verlieslatende activiteit zonder enige kans op verbetering.

     

  • Het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (WVV)

    In het nieuwe WVV zijn de beginselen van de aansprakelijkheid van bestuurders vastgelegd (artikel 2:56 tot en met 2:58 WVV). Naast de persoonlijke en individuele aansprakelijkheid van de bestuurder voorziet het WVV in een mechanisme van hoofdelijke aansprakelijkheid dat schuldeisers en andere benadeelde derden de mogelijkheid biedt om niet alleen een vordering in te stellen ten aanzien van de bestuurder die de fout heeft begaan, maar ook hoofdelijk ten aanzien van de andere bestuurders.

     

    De bestuurders zijn hoofdelijk aansprakelijk:

    - indien het bestuursorgaan een college vormt, voor de beslissingen of nalatigheden van dit college;

    - voor schade die voortvloeit uit overtredingen van de bepalingen van het wetboek of de statuten van de rechtspersoon, zelfs indien het bestuursorgaan geen college vormt.

     

    Om van deze twee gevallen van aansprakelijkheid te worden ontheven, moet de bestuurder aantonen dat hij niet heeft deelgenomen aan de fout en deze melden aan alle andere leden van het bestuursorgaan of, indien van toepassing, aan het collegiaal bestuursorgaan en de raad van toezicht (zie artikel 2:56 WVV).

    Niettemin heeft de wetgever plafonds ingevoerd die de aansprakelijkheid van bestuurders beperken zoals deze voortvloeit uit de WVV, het WER of andere wetten of regelgevingen naargelang de "grootte" van de vzw (zie artikel 2:57 § 1 WVV) om de verzekerbaarheid van het risico te verbeteren. Deze plafonds zijn progressief (van 125.000 tot 12 miljoen euro), afhankelijk van de grootte van de vzw.

     

  • Burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering voor bestuurders.

    De nieuwe wetsbepalingen breiden het aantal aansprakelijkheidsgevallen voor bestuurders van vzw’s uit, aangezien zij nu onderworpen zijn aan dezelfde aansprakelijkheidsnormen als de bestuurders van vennootschappen.

     

    Los van de eventuele verplichting om de schade aan derden en/of aan de vzw zelf te vergoeden, moet de bestuurder in de eerste plaats verdedigingskosten maken, ook al is de tegen hem ingestelde vordering ongegrond. Deze kosten kunnen vrij hoog oplopen.

     

    Als er een "bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering” is afgesloten, dekt deze verzekering de financiële risico's van de bestuurder: niet alleen de vergoeding van de derde of de vzw indien hij aansprakelijk is, maar ook de kosten van de burgerrechtelijke en strafrechtelijke verdediging, zowel bij een minnelijke schikking als bij een gerechtelijke procedure.

     

    Het verzekeringscontract wordt niet afgesloten door de bestuurders die een verzekering wensen af te sluiten, maar door de vzw zelf om alle personen die belast zijn met het beheer van de vzw (bestuurders in rechte en in feite, personen belast met het dagelijks beheer, werknemers die samen met een bestuurder in gebreke zijn gesteld).